Het is bijna Pasen.

Bloeiende voorjaarsboden, eieren, levensvreugde – herkenbare zaken die allemaal horen bij dit prachtige voorjaarsfeest.

Maar toch.. Pasen roept niet alleen vanzelfsprekende blijdschap op. Pasen – Opstanding- legt ook bitterheid bloot, de verscheurdheid van mensen over wat mislukt is. Vervlogen idealen, mislukte plannen, eenzaamheid in een pandemie, ziekte, dood - kruisen die telkens weer opgericht worden, dan hier, dan daar; dat komt voor in ieders leven. Je bent als ‘gevangen in windsels’- om met Hella Haasse te spreken.

Als je om je heen of in jezelf kijkt, kun je gemakkelijk het gevoel krijgen dat opstanding een sprookje is en lukt het lang niet altijd om van harte ‘Halleluja’ te roepen of te zingen. Maar tegelijkertijd roept Pasen verhalen wakker van mensen die sterker blijken dan wat hen overkomt, die de nacht ontkomen en durven lachen door hun tranen.

Mensen die weigeren te aanvaarden dat de harde werkelijkheden het laatste woord hebben. Mensen die opstandig worden, die in opstand komen tegen hun eigen onmacht. Díe mensen zijn de wonderen in ons midden. Hun ervaringen houden het verlangen naar bevrijding levend. We kunnen niet zonder hun verhalen waarin we horen dat opstanding werkelijk gebeurt – die inspiratie hebben we nodig.

Pasen – we lezen opnieuw het verhaal van de opstanding van Jezus. Dat krachtige verhaal dat ons bij uitstek laat zien dat lijden en leven onverbrekelijk bij elkaar horen.

De veertien staties van de Kruisweg vertellen daarvan. Die beelden maken mij duidelijk dat het leven als gelovige meer te maken heeft met ‘vallen en opstaan’, dan met het je gelukzalig omwentelen in de vreugde van het einddoel. Vallen en opstaan – Jezus valt in de traditionele kruisweg drie keer, maar staat ook zoveel keren op.

Op de kruisweg van ons leven zullen we onze eigen weg moeten zoeken. Elkaar de weg vragen, een stukje met elkaar meelopen. Elkaar eens omduwen, om daarna elkaar weer uit de modder omhoog te trekken..

Er is geen opstanding zonder je pijn –die daaraan onderweg voorafging- gevoeld te hebben. Dán kun je pas echt opstaan. Opstaan omdat je boos bent over onrecht. Opstaan omdat je vindt dat het anders moet of omdat je opnieuw blij kunt zijn met datgene wat je gekregen hebt, blij om met hernieuwde kracht verder te gaan. Opstaan omdat je je kunt optrekken aan het verhaal van Jezus van Nazareth. Omdat hij heeft laten zien dat je door het verdriet, de uitzichtloosheid, de pijn, niet bij de pakken neer hoeft te zitten. Door zijn opstaan worden we uitgedaagd het kwaad te overwinnen.

Het bijbelse opstandingsverhaal vertelt ons dat de donkere stenen van ons leven kunnen worden weggerold zodat het Licht ons naar zich toe kan trekken – op welke dag van jaar dan ook. Dán zullen we leven.

Wat een vreugde dat we dát geloof ieder jaar opnieuw uitbundig mogen vieren!

Zalig Pasen!

Wil van den Broek